Kosten en doorlooptijd

Wat kost het?

De kosten van archeologisch onderzoek zijn sterk afhankelijk van de grootte van het te onderzoeken gebied en het soort onderzoek dat moet worden uitgevoerd. Bij een reeks aanvullende onderzoeken op hetzelfde terrein stapelen bovendien de kosten. Tenslotte geldt dat onderzoek waarbij met graafmachines moet worden gewerkt vaak veel duurder is dan het bureau- en booronderzoek.

Voor gebieden van een paar duizend vierkante meter, zijn de volgende kosten indicatief:

  • bureauonderzoek: € 500 tot € 1.000,-
  • booronderzoek: € 500 tot € 2.000,-
  • proefsleuvenonderzoek en opgraving: € 5.000,- tot € 50.000,-
  • begeleiding: € 1.500,- tot € 3.000,- per dag. Reken op enkele dagen doorlooptijd.

Hoe lang duurt het?

Voor veel mensen is ook de doorloop tijd belangrijk. Ze kunnen immers niet eeuwig wachten totdat het archeologisch onderzoek is afgerond. Gelukkig is het beeld van scheppende en kwastende archeologen in Nederland niet meer actueel. Het bureauonderzoek en booronderzoek vindt geheel plaats zonder in de bodem te graven. Het proefsleuvenonderzoek en de opgravingen zijn vergaand gemechaniseerd.

Met de kosten varieert ook de doorlooptijd van het onderzoek behoorlijk en zijn afhankelijk van de omvang van het plangebied en het type onderzoek dat moet worden uitgevoerd. Als indicatie voor de doorlooptijd - van opdracht tot rapport - in gebieden van een paar duizend vierkante meter, geldt:

  • bureauonderzoek: 1 tot 3 weken
  • booronderzoek; 1 tot 3 weken
  • begeleiding, proefsleuvenonderzoek en opgraving: 4 tot 12 weken.

Tot Slot

Indien op een bureau- en booronderzoek een vervolg moet komen kunnen de kosten vertienvoudigen en kan de doorlooptijd flink oplopen. Daarom lijkt archeologie soms wel een vervelende loterij. Als er geen vervolgonderzoek komt valt het mee. Maar als er wel een vervolgonderzoek komt, betaalt u de hoofdprijs. Dit leidt er toe dat - ondanks dat velen archeologie een goed hart toedragen - het maatschappelijk draagvlak afbrokkelt. Toch is een archeologisch traject wel enigszins beheersbaar en daarmee ook de kosten. Let bijvoorbeeld op de volgende gegevens:

  • Het gebied ligt wel of niet in een archeologisch monument (kijk hier voor de monumenten)
  • Het gebied ligt wel of niet in een (hoge) archeologische verwachtingszone.
  • U kunt uw plan wel of niet aanpassen op basis van de eerste onderzoeksresultaten (archeologie vriendelijk bouwen)
  • Uw plan is groot (bijna altijd vervolgonderzoek), of juist klein (in 7 op de 10 gevallen geen vervolgonderzoek).

Met deze en andere eigenschappen kunt u een risicoinventarisatie maken en daarmee de kosten beter beheersen.

Aanvullende gegevens