Welk onderzoek moet u uit laten uitvoeren?

Een archeologisch onderzoekstraject start vaak met een bureauonderzoek. Soms stopt het hier. Echter bij deze en elke volgende stap kan worden besloten (door de bevoegde overheid) dat nader onderzoek nodig is. Het onderzoekstraject eindigt in ieder geval bij een begeleiding of een opgraving. 

Als een volledig onderzoekstraject zou worden gevolgd ziet een typisch traject er zo uit:

1. Bureauonderzoek: opstellen specifieke verwachting

2. Verkennend booronderzoek: vaststellen bodemopbouw en daarmee controleren archeologische potentie

3. Karterend booronderzoek: vaststellen aanwezigheid archeologie

4. Waarderend proefsleuvenonderzoek: vaststellen waarde van archeologische resten

5. Opgraven en / of begeleiden: documenteren van archeologie voordat het definitief wordt weggegraven.

Afhankelijk van de aard van de beoogde bodemingreep en waar in Nederland het plaats vindt, varieert het traject. Soms kan een bureauonderzoek worden overgeslagen, vinden onderzoeksfases tegelijkertijd of direct aansluitend (in tijd) plaats.

De bevoegde overheid (vaak de gemeente) bepaald in hoge mate de aard van het onderzoekstraject. Echter, u (als u wilt gaan bouwen) heeft wel degelijk invloed op het proces. Vooral de wijze waarop civiele werken worden gepland (denk aan "archeologie vriendelijk bouwen") kan kosten besparend werken. Daarnaast staat de keuze van archeologische uitvoerders vrij. U kunt bij de uitbesteding van het werk contractuele afspraken maken met de uitvoerder; uiteraard over de kosten, maar ook bijvoorbeeld over de doorlooptijd of het seizoen waarin het veldwerk wordt uitgevoerd.

Aanvullende gegevens